Koninklijk paleis Amsterdam

geschiedenis

close

start bouw in 1648

Op 20 januari 1648 werd de eerste heipaal voor het nieuwe stadhuis geslagen. Niet lang daarna, op 15 mei 1648, werd de Vrede van Münster getekend, waarmee een eind kwam aan de tachtigjarige oorlog. Daardoor kwam er veel geld vrij voor de bouw van het nieuwe stadhuis. Kort daarna riep het stadsbestuur Jacob van Campen uit tot de winnende architect. Met het duurste en meest prestigieuze plan had hij de concurrentie achter zich gelaten. De definitieve bouwplattegrond werd vastgesteld op 79 x 43 meter. De opgekochte panden werden gesloopt en ruim 13.000 stammen van Noors naaldhout werden aangesleept om de grond bebouwbaar te maken.

Op 28 oktober van dat jaar werd de eerste steen gelegd door de zesjarige burgemeesterszoon Jacob de Graeff. Joost van den Vondel schreef:

‘Zo leit die Jeught des eersten Steen
Van ’t Raethuis, dat met raet en daet
Versterkt een zenuw van den Staet.’

Stadhuis 1648 - 1808

Het Koninklijk Paleis Amsterdam is in de zeventiende eeuw ontworpen en gebouwd als stadhuis voor de gehele bestuurlijke en rechterlijke macht van Amsterdam.

stadhuis te klein
Amsterdam was in de zeventiende eeuw het belangrijkste handelscentrum van de wereld. De stad kende een explosieve bevolkingsgroei. De bestuurlijke taken namen toe, het oude stadhuis bleek te klein. De beroemde Wisselbank in het stadhuis was ook niet meer berekend op zijn groeiende taak. Besloten werd een nieuw stadhuis te bouwen, groter en mooier, een handelsmetropool als Amsterdam waardig.

Jacob van Campen
De beroemde bouwmeester Jacob van Campen kreeg de opdracht in 1648 van de burgemeesters van Amsterdam. Hij ontwierp een voor Hollandse begrippen buitengewoon monumentaal classicistisch gebouw, dat herinnerde aan de architectuur van de Grieken en Romeinen. Een gebouw als afspiegeling van Gods schepping. Een universum in het klein, symmetrisch en volmaakt.

beroemde kunstenaars
Ook in het interieur werd de macht en het aanzien van Amsterdam tot uitdrukking gebracht. Hiervoor werden beroemde kunstenaars aangetrokken, zoals de Antwerpse beeldhouwer Artus Quellinus. In de vloer van de imposante Burgerzaal werden de werelddelen ingelegd in Italiaans marmer. De belangrijkste vertrekken werden van op de functie toegesneden schilderijen voorzien. Hiervoor gingen opdrachten naar bekende schilders als Rembrandt van Rijn, Ferdinand Bol en Govaert Flinck.

wereldwonder
In 1655 werd het Stadhuis in gebruik genomen, hoewel het nog niet klaar was. Amsterdammers noemden het gebouw trots hun wereldwonder. Het was volgens dichter Vondel als de kroon op de schepping.

  • paleis1648

Jacob van der Ulft, De Dam met het stadhuis in aanbouw, 1636-1667, olieverf op doek, 81 x 100 cm. (collectie Amsterdam Museum).